wave-cms

KNWU-functionaris Ad van Grootel stond mee aan de wieg van het veldrijden in Hulst.

Stoppen op een hoogtepunt

Het WK in Hulst belooft een behoorlijk emotioneel event te worden voor Ad van Grootel. Niet alleen omdat hij op dat moment net de kaap van de 70 heeft gerond, niet alleen omdat hij de fakkel als offroad-coördinator bij de KNWU op dat moment doorgeeft, maar vooral omdat hij mee aan de wieg stond van de allereerste veldrit in de Vestingstad. “Het is mooi hoe snel het allemaal gegaan is in Hulst”, klinkt het. “Zo zie je maar: als de gemeentepolitiek achter zo’n evenement staat kan je op korte tijd wonderen doen.”

Ad van Grootel

 

 

Ad van Grootel timmert in het veldrijden al sinds 1977 aan de weg. Als jurylid van de KNWU, als organisator van wedstrijden, als coördinator van de Nederlandse wielerbond: Van Grootel was de motor in het uitbouwen van de populariteit van het cyclocross in Nederland. Geen wonder dus dat de wethouder van Hulst bij Ad terecht kwam toen hij het organiseren van een veldrit een geschikte manier vond om zijn gemeente op de kaart te zetten.

“We zijn met een leeg blad begonnen”, herinnert Van Grootel zich. “We keken naar de mogelijkheden die voorhanden waren, maar we kwamen al snel tot de conclusie dat we een wedstrijd in het stadscentrum wilden organiseren. Je hoort me niet beweren dat we een trendsetter waren, maar ons opzet was altijd dat we het veldrijden naar de mensen wilden brengen en niet andersom.”

 

Spectaculaire omloop

Succesvolle veldritten hebben een eigen verhaal. De adembenemende natuur in Gieten, de Brabantse Wal in Hoogerheide, de Koppenberg in Oudenaarde, de schuine kant in Namen, de befaamde Kuil in Zonhoven,… En Hulst? Hulst heeft de wallen die de vestingstad omringen.

Van Grootel: “Die bieden spektakel aan de toeschouwers. Het is adembenemend om te zien hoe de renners die steile hellingen overwinnen, om zich dan elke keer opnieuw in de afdaling die volgt te storten. Door corona-omstandigheden zijn we met de Wereldbeker één keer uitgeweken naar Perkpolder, maar dat was gewoon niet hetzelfde. Hulst is uniek, in alle opzichten. Akkoord, organiseren in een stad geeft niet alleen een apart cachet, maar dat brengt ook extra uitdagingen mee. De verkeersstroom beheersen, bijvoorbeeld. Of geschikte parkeerplaatsen zoeken. Maar ook met die aspecten zijn ze in Hulst voorbeeldig bezig.”

 

Voetbal en schaatsen

Het gaat de goede kant uit met de veldritsport in Nederland, stelt Van Grootel tevreden vast. Al kan het natuurlijk altijd nog beter. “We hebben niet zo gek veel topwedstrijden in Nederland. Hulst en Hoogerheide steken er wat dat betreft bovenuit. Jammer dat Gieten wegviel uit de Superprestige, maar die klok draai je niet meer terug. Maar ik kan tegelijk ook vaststellen dat er vooral in het zuiden van Nederland nog behoorlijk wat crossen georganiseerd worden, en ook op het vlak van trainingsfaciliteiten zit het snor. De KNWU heeft altijd behoorlijk veel werk gemaakt van de opleiding van dames veldrijdsters, en dat vertaalt zich nu al een hele tijd in erg mooie resultaten. We hebben toprenners op internationaal vlak, en daar kan ik alleen maar erg blij om zijn.”

Toch blijft het voor het Nederlandse veldrijden opboksen tegen de concurrentie van voetbal en schaatsen, de populairste sporttakken in de winter. “We raken daar voorlopig maar niet tussen”, luidt de conclusie. “Onder meer omdat de NOS zich maar schoorvoetend engageert wat het uitzenden van cyclocross betreft. In Vlaanderen kan je quasi elke cross rechtstreeks op televisie bekijken, in Nederland is dat nog niet het geval. Al juich ik wel toe dat Eurosport steeds vaker veldrijden is gaan uitzenden. Dat is alvast een positief punt. Vreemd én jammer, dat de NOS te vaak verstek laat gaan. Want voor mij is veldrijden dé televisiesport bij uitstek. Lekker met een bakje koffie voor televisie op zondagmiddag, twee veldritten bekijken die elk maximaal 60 minuten duren en topsport verzekerd. Want in een cross wordt er geknokt van begin tot einde. Tactische overwegingen spelen daar weinig of geen rol, de sterkste wint doorgaans.”

 

Groot volksfeest

Dat Hulst als organisator van het wereldkampioenschap ook op een ruime aanwezigheid van Belgische supporters rekent, daar doen ze in de Vestingstad niet flauw over. “Dat geldt net zo goed voor Hoogerheide”, stelt Van Grootel vast. “Dat zijn twee gemeenten die niet toevallig op een steenworp van de Belgische grens liggen. Ik verwacht dan ook dat het opnieuw een groot volksfeest zal worden. Organisatorisch zijn ze er in elk geval klaar voor. Ik heb een aantal vergaderingen meegemaakt, en ik kan je melden dat er een uitstekende ploeg aan de voorbereiding van dat WK werkt.”

 

Olympische status

In België buigt men zich al een tijdje langer over de vraag of veldrijden ooit een olympische discipline zal of kan worden. Ook Ad van Grootel wacht met spanning af of het IOC ooit een plekje voor het cyclocross zal reserveren op het programma van de Olympische Winterspelen. “Dat zou een enorme boost betekenen voor de internationalisering van de sport”, klinkt het. “Ik kan nu al merken dat het aantal landen dat zich inschrijft voor een wereldkampioenschap stijgt, maar zo’n olympische status zou dat proces volgens mij enorm versnellen. Geen idee wanneer die beslissing zou vallen en of die in het voordeel van het veldrijden zou zijn. Maar stel je maar eens voor dat het lukt, dan zou het mooi zijn als we daar op het WK in Hoogerheide, in 2028, al een eerste positief effect van kunnen zien. In afwachting: ik kijk nu al uit naar wat er straks in Hulst te gebeuren staat. Ik zal trots én nostalgisch zijn, wees daar maar zeker van. Mijn laatste event in dienst van de KNWU, dat wordt speciaal. (Lacht) Droomt niet elke atleet van stoppen op een hoogtepunt?”

 

 

Nieuws delen?